Paupers in Drenthe Print
In het Drents Archief bevinden zich in ruim vijfduizend signalementkaarten van personen in Veenhuizen. De minutieuze registratie van de ‘verpleegden' - duizenden bedelaars en landlopers uit het hele land - begon in 1896 en eindigde in 1901. Naast persoonsgegevens en de reden en plaats van veroordeling bevat een signalementkaart een foto de face en en profil, vingerafdruk­ken, een beschrijving van speciale merktekens en metingen van lichaamslengte en ledematen.

Deze antropometrische identificatiemethode werd sinds 1879 ontwikkeld door de Fransman Bertillon. De methode van Bertillon bestond uit een classificatie van elf metingen, beginnend met de lichaamslengte, de breedte van het hoofd, de lengte van de onderarm, de afstand tussen de jukbeenderen, de lengte van de linkervoet en middelvinger en tenslotte het rechteroor. Vooral aan het oor werd een bijzondere waarde toegekend als middel tot identificatie.

Meer dan 1 miljoen Nederlanders heeft voorouders in de Drentse paupergestichten van de 19de eeuw. In de database drenlias zijn alle signalementkaarten digitaal te vinden. 

Signalementkaart van Jan Jacob van de Caap uit Amsterdam, die voor bedelarij en landloperij werd opgepakt. Hij kwam in 1896 voor de derde keer in Veenhuizen terecht.

caap.jpg
 
disclaimer