De schaats ophangen Print
Drenthe kende lang de oude traditie van het ‘ophangen van de schaats’, zoals beschreven door de schrijver-onderwijzer Henderikus Buiskool in de Volksalmanak:

“In den winter bracht een dorp een schaats naar een ander dorp, hing die in een logement op met de uitdaging om met ’n zeker getal jongens, gewoonlijk 10 tot 15, tegen elkander te rijden. Werd de uitdaging aangenomen, dan werd er gereden om 10-15 kan jenever of brandewijn, die de verliezende partij moest betalen en de winnende opdrinken. Dit gaf vaak aanleiding tot ruwe vechtpartijen.” Later ging het er in het oude Drenthe wat beschaafder aan toe. Men hing voortaan de “scheuvel” in het café met het vriendelijk verzoek om tegen elkaar te hardrijden. Uit de inleggelden werd na de wedstrijd in het plaatselijk café samen feest gevierd.

Het Drents Archief bewaart de herinnering aan de dagen van Ard en Keesie met het archiefje van de Koninklijke Nederlandse Schaatsbond, district Drenthe. Uit de correspondentie van de lokale ijsmeesters blijkt hoe sterk het schaatsen in de Drentse dorpen leefde.

de_schaats
 
disclaimer