Afgelopen zomer speurden jullie door onze online bronnen om de antwoorden op de vragen van de Drents Archief Zomerquiz 2026 te vinden. Of je op vakantie was in een ver tropisch oord of lekker thuis in Drenthe bleef: overal kon je meepuzzelen!

Hieronder vind je de antwoorden op de vragen. De deelnemers en de winnaars hebben inmiddels een bericht van ons ontvangen. We hopen dat jullie het net zo leuk vonden als wij en volgend jaar weer meedoen!

Wiechertje Davids 

1a. Wiechertje Davids en Wander Habing trouwen op 22 april 1909. In de huwelijksakte is te lezen dat de vader van de bruidegom toestemming heeft verleend voor het huwelijk. De bruid geeft echter aan dat de kantonrechter van Emmen een akte van tussenkomst heeft opgesteld. Wat was hier de reden voor? 

De trouwakte vind je in onze genealogische database. Het antwoord voor de akte van tussenkomst is te vinden in de huwelijksbijlage van Emmen 1909, akte 82. Hierin staat dat de ouders van Wiechertje, na een verzoek van de deurwaarder, niet zijn verschenen om toestemming te geven voor haar huwelijk. 

1b. Bij iedere geboorte wordt er aangifte gedaan van deze gebeurtenis. Wie deed er aangifte van de geboorte van Wander Habing? En wanneer was dit? 
 
Wander Habing is geboren als Wander Taai, want zijn moeder Jacobje Taai was ongehuwd. Daarom kreeg hij in eerste instantie haar achternaam mee. Jan Habing deed op 30-12-1885 aangifte. In deze geboorteakte lees je dat het kind een dag eerder is geboren. Pas op het moment dat Jacobje Taai en Jan Habing met elkaar trouwen op 20 november 1886, wordt Wander erkend en krijgt hij pas vanaf dat moment de achternaam Habing. 

1c. Wiechertje Davids overlijdt op 2 juli 1933 op 47-jarige leeftijd in het gesticht Dennenoord. Vanaf wanneer verbleef Wiechtertje in dit gesticht? 

In de bevolkingsregisters van Zuidlaren zit een boek dat specifiek gaat over personen die in Dennenoord zijn overleden. Het is het boek met toegangsnummer 2001.32 en inventarisnummer 29. Op scanpagina 209 staat het antwoord: 7 april 1931

 
Brand! 

2. In 1820 breekt er brand uit in een Drents dorp. Het dorp wordt bijna volledig van de kaart geveegd. Het enige dat aan de vuurzee ontkomt, is de kerk. Twee jaar later wordt er een plan gemaakt om van het dorp een vestingstad te maken. Op de kaart zijn poorten, paviljoenen en een arsenaal te zien, het plan is echter nooit uitgevoerd. Ga op zoek naar de kaart en bestudeer deze goed. Aan welke kant binnen deze vesting zou het hospitaal gebouwd worden? 
 
De brand vindt plaats in het dorp Beilen. Het antwoord op de vraag is aan de oostkant, bij de letter E. Bij deze vraag zat een addertje onder het gras: de kaart was een kwartslag gedraaid! Aan de windroos kon je zien dat het niet de zuidkant, maar de oostkant de locatie was. Dit is de kaart van de vesting Beilen.

  
Meer geld 

3. Na de kerkelijke reformatie wordt het nonnenklooster Maria in Campis in 1602 opgeheven. De resterende kloosterlingen mogen in het klooster blijven wonen en ontvangen van het Drentse bestuur een jaarlijkse toelage. De voormalige werkzuster Swaene van Lingen vertrekt uiteindelijk als laatste uit het oude kloostergebouw. Enkele jaren later vraagt zij aan Ridderschap en Eigenerfden een verhoging van haar toelage.  Waarom was dat? 

Dit bleek een lastige vraag! Swaene doet het verzoek tot verhoging van haar alimentatie vanwege haar ouderdom en gebrekkigheid (impotentie). Ridderschap en Eigenerfden besluiten hierover op 17 februari 1635. Haar toelage wordt verhoogd tot tien Carolusgulden per jaar. 
 
Je vindt dit antwoord in de Collectie indices op de registers van het gewestelijk bestuur van Drenthe, Toegang 0953, inventarisnummer 21. Blader vervolgens naar de L, tot je Lingen, Swane tegenkomt. Verwijzing naar besluit van Ridderschap en Eigenerfden van 17 februari 1635, blad 171, nummer 47. Dan ga je naar Oude Staten Archieven, toegang 0001, inventarisnummer 6.2. Daar blader je naar blad 171, nummer 47. 


Misdadiger 

4. Het Drents Archief bewaart een foto met daarop een boerenwoning in Ees. Een van de drie personen op de foto heeft in 1893 een misdrijf begaan. Wat gebeurde er toen hij of zij hoorde welke straf werd opgelegd? 

In onze beeldbank vind je als je de zoekterm ‘boerenwoning Ees’ invult deze foto. De namen van de drie personen voer je in onze genealogische database en selecteer je het vonnisregister. Dan blijkt dat Egbert Warringa in 1893 een moord heeft gepleegd. En toen hij hoorde welke straf hij kreeg ‘verviel hij in een flauwte’. Dit lees je in de kantlijn. Hier vind je het vonnis van Egbert Warringa uit 1893. 
Het verhaal van Egbert Warringa komt ook voor in deze aflevering van Verborgen verleden.  


Dienstbodes 

5. In Drenthe werkten tot begin 20e eeuw veel meiden als dienstbode. Vaak deden ze dit tot aan hun trouwen. Ze woonden meestal bij de boer, bakker of dokter in huis en werkten van zonsopkomst tot zonsondergang. Een van die dienstmeisjes was Margaretha Buring. Bij wie werkte zij vanaf eind 1928? 

In onze genealogische database ontdek je dat Margaretha Buring geboren is op 04-10-1908 in Peize. Vervolgens zoek je in het bevolkingsregister van Peize. Op gezinskaart van de familie Buring is te lezen dat Margaretha op 24-12-1918 naar Vries is vertrokken. Daarna open je de gezinskaarten van Vries en zoek je naar die van Margaretha Buring. Hierop staat dat ze dienstbode was bij Hendrik Hardenberg in Yde.