Met het interactieve, innovatieve “Oorlogsdagboek van Drenthe” op basis van egodocumenten denken leerlingen van groep 7 en 8 van het basisonderwijs en klas 1 en 2 van het voortgezet onderwijs, na over vrijheid. Door een dag uit hun leven te verbeelden, verplaatsen de leerlingen zich met behulp van originele bronnen in jongeren die de Tweede Wereldoorlog écht hebben meegemaakt. Het programma sluit inhoudelijk aan op het geschiedenisonderwijs en stimuleert bronneninterpretatie en historisch besef.

Bekijk hier het promofilmpje:



Het programma, dat volledig aansluit op de kerndoelen, wordt aangeboden in het Drents Archief in Assen. Leerlingen kunnen daarnaast een maatwerkprogramma in het Onderduikersmuseum De Duikelaar in Nieuwlande volgen en in een volgende fase ook in de synagoge in Coevorden. De educatieve ‘experience’ zal worden doorontwikkeld zodat het daarna op meer locaties in Drenthe uitgevoerd kan worden.

Met betrekking tot de morele keuzes die in de oorlog gemaakt moesten worden, is er over de jaren steeds meer aandacht voor goed en fout en alles wat daartussen zit, het zogenaamde grijze gebied in menselijk gedrag. Het Drents Archief wil aandacht geven aan deze multiperspectiviteit. Leerlingen krijgen hierdoor meer begrip voor menselijk gedrag in de moeilijke tijden van een oorlog.

Leerlingen worden tegenwoordig omringd door moderne technieken. Om aansprekend te zijn voor kinderen, is het nodig om met een opvallend lesprogramma te komen. Noodzakelijk hierbij is het gebruik van innovatieve techniek. Drents Archief heeft hiervoor het gerenommeerde conceptbureau Studio Louter uit Amsterdam gevraagd mee te denken bij de ontwikkeling van het educatieve programma. Drents Archief zet technieken als machine learning en computer vision in zodat leerlingen zich kunnen inleven in situaties en gevoelens van mensen uit het verleden. Zo ontstaat een invoelbaar instrument dat leerlingen onderdeel kan maken van een dag uit de Drentse oorlogsgeschiedenis.

Het educatieve concept Oorlogsdagboek van Drenthe is bedacht door Studio Louter en werd gefinancierd door Provincie Drenthe, Fonds voor Cultuurparticipatie, Gemeente Assen, Gemeente Hoogeveen, Gravin van Bijlandt stichting, BSP fonds, Rabofonds, het Mondriaanfonds en het V-fonds (mogelijk gemaakt door de Nationale Postcode Loterij, de Bankgiroloterij en de Nederlandse Loterij).